Beltane

Op 1 mei vierde men in pre-Christelijk Groot-Brittannië Beltane. De naam Beltane is van origine Gaelic. De oudste geschreven vermeldingen komen uit de 9e en 10e eeuw in een Iers geschrift waarin gesproken wordt over Beltine, het vuur (tine in Gaelic) van Bel. Het is de tegenhanger van Samhain, dat een half jaar voor (of na…) Beltane valt. Waar Samhain staat voor sterven, dood, afscheid van wat was en de donkere helft van het jaar, staat Beltane voor leven, de lichte en warme helft van het jaar, vuur en vruchtbaarheid. Net als met Samhain vervagen rond Beltane volgens de Ierse mythologie de grenzen tussen andere werelden en de onze. Zo is het een tijd waarin mensen het risico zouden lopen om in het feeënrijk terecht te komen waarvan de ingangen vaak liggen aan de voet van een heuvel of grafheuvel.

 

100_1858
De grafheuvel van Bryn Celli Ddu, Anglesey


De geschiedenis van Beltane
Wie is deze Bel naar wie Beltane genoemd is? Er is een god Bel, ook wel beter bekend als Baäl, maar deze is afkomstig uit het Midden Oosten. Er is echter ook een Keltische god Belenus. Deze god was een zonnegod, en ook god van leven en dood en van muziek. Hij had een wagen die werd voortgetrokken door een paard langs de zon. Dit kennen we natuurlijk ook uit de Germaanse mythologie. In 1902 is in Denemarken de beroemde zonnestrijdwagen van Trundholm gevonden. Een paard en een zonneschijf die door het paard wordt voortgetrokken. De Noordse zonnegodin Sól reed ook op een strijdwagen (Germaanse vorm Sunne of Sigel). Of Beltane naar deze god Bel genoemd is, ondanks dat het een zonnegod is en er de associatie met vuur ligt, is niet bekend. De bronnen

Beltane fire deb
Beltane vuur, Deb Star Art

verklaren ‘Beltine’ als het vuur van Bil, Bel of Bial, welke afgod wordt genoemd. De Keltische god Belenus is in Ierland en Groot Brittannië vrijwel onbekend, hij werd vooral vereerd in het gebied wat nu Oostenrijk is en in Frankrijk. Baäl was in de tijd dat de eerste bronnen geschreven zijn (in Christelijke kloosters door monniken) bekend uit de Bijbel. Het is dus niet verwonderlijk dat zij deze connectie tussen Bel en Baäl legden. Dan is er nog de vraag of Belenus te corresponderen is met Beli Mawr uit de Welsh Mabinogion en op die manier de Brits-Keltische variant van Belenus zou zijn. Bel is echter ook het Gaelic woord voor helder of brengen van voorspoed. Het is dus niet gezegd dat Bel ook daadwerkelijk naar een god verwijst.

De oudste beschrijving van Beltane komt uit de 9e eeuw. In de Sanas Chormaic, een soort woordenlijst van Ierse woorden, staat Beltane genoemd en wordt geschreven over vuren die druïden aan zouden steken en waar het vee omheen doorheen gedreven werd. De iets latere Tochmarc Emire beschrijft Beltane als het begin van de zomer. Op de avond voor Beltane, op 30 april, werden overal in Ierland, Schotland en Wales grote vuren ontstoken. Beschrijvingen uit Ierland uit de 18e, 19e en vroeg 20e eeuw vertellen over vuren op heuvels. Mensen zongen, dansten en aten samen bij deze vuren en het vee werd na het doven van het vuur door de as gedreven. De vuren waren wat men noodvuren, tein-eigin noemde. Alle vuren in de haarden van de mensen werden gedoofd en met primitieve middelen, door wrijving met hout, werd een nieuw vuur gemaakt. Dit vuur wed aangestoken met heilige houtsoorten. De eerste mei is onder veel verschillende namen bekend, Beltane (Beltain, Baeltaine), maar ook Calan Mai, Calan Haf, May Day, May Eve, Cetsoman, Cetshamain, Cetamuin, etc.

In de Maitland Manuscripts, een bekend laat Middeleeuws Schots literair werk, staat een gedicht waarin Beltane genoemd wordt. Vooral in Schotland waren de gebruiken rondom Beltane wijdverbreid en lang blijven hangen.

At Beltane, quhen ilk bodie bownis
To Peblis to the Play,
To heir the singin and the soundis;
The solace, suth to say,
Be firth and forrest furth they found
Thay graythis tham full gay;
God wait that wald they do that stound,
For it was their feist day,
Thay said


Verder zijn er uit Schotland gebruiken beschreven waarin een Beltane Queen gekozen werd in ieder dorp, vuren ontstoken werden, feestmalen genuttigd bij deze vuren.
De schrijver en folkorist Alexander Carmichael verzamelde allerlei ouden, overgeleverde gedichten uit Schotland in zijn bundel Carmina Gadelica eind 19e eeuw. Hij vond op het Schotse eiland Uist dit volgende gedicht over Beltane.

Am Beannachadh Bealltain (The Beltane Blessing)

Bless, O threefold true and bountiful,
Myself, my spouse, my children.
Bless everything within my dwelling and in my possession,
Bless the kine and crops, the flocks and corn,
From Samhain Eve to Beltane Eve,
With goodly progress and gentle blessing,

wheel of year deb
Jaarwiel, Deb Star Art

From sea to sea, and every river mouth,
From wave to wave, and base of waterfall.

Be the Maiden, Mother, and Crone,
Taking possession of all to me belonging.
Be the Horned God, the Wild Spirit of the Forest,
Protecting me in truth and honor.
Satisfy my soul and shield my loved ones,
Blessing every thing and every one,
All my land and my surroundings.
Great gods who create and bring life to all,
I ask for your blessings on this day of fire.

In Wales wordt May Day Calan Haf of Calan Mai genoemd en is het gebruik om de huizen te versieren met meidoorn. En worden op de avond voor 1 mei (Nos Calan Haf) vuren ontstoken.

De maand mei is genoemd naar de godin Maia. Volgens de Griekse mythologie de oudste dochter van de Pleiaden. Ze was de moeder van Hermes. Haar Romeinse tegenhanger is Bona Dea, de aardegodin die de aarde weer vruchtbaar maakte na de winter. In sommige delen van het Romeinse rijk was Bona Dea een godin van heelkunde en genezing, maar ook een Matronae, een moedergodin, in dit geval van kuise vrouwen. Na de Floralia, de lentefeesten voor de godin Flora, werden rond 1 mei feesten gevierd voor Bona Dea. Na de kerstening werd de meimaand omgedoopt tot Maria maand, ook een moeder natuurlijk.

100_0574
Meidoorn bloesem

Walpurgisnacht
In Noord-Europa wordt de nacht van 30 april op 1 mei Walpurgisnacht genoemd. Walpurgis is een Christelijke benaming voor een feest dat hoogstwaarschijnlijk al veel ouder is. De Germanen eerden op deze dag hun vruchtbaarheidsgoden, Freyr en Freya, maar ook Wodan. Ook was het de nacht dat alle verbannen heksen en demonen zich konden laten zien. Ze vlogen op hun bezemstelen en andere vervoersmiddelen naar de Brocken (Blocksberg), een hoge berg in de Harz. Hier vierden ze een wild feest. Nog steeds is deze dag een belangrijke feestdag in de Harz waarbij het heksenthema in veel dorpen nog een grote rol speelt in de feestelijkheden. Goethe heeft de berg Brocken een belangrijke rol gegeven in zijn bekendste werk Faust. Op deze berg verkocht Faust zijn ziel aan de duivel, aan Mephisto. Het graniet op de top van de berg heeft door erosie bijzondere vormen gekregen die namen dragen als Teufelskanzel en Hexenaltar. Ook in Nederland was de sage van de heksensabbat op 30 april een bekend verhaal. Meifluitjes gemaakt van vlierhout zouden de heksen verjagen, dus vandaar dat kinderen rond deze tijd fluitjes uit takjes maakten. In Oldenzaal ligt een grote zwerfkei op het marktplein. Deze zou ooit als offersteen hebben gediend en bij het heiligdom van Tanfana net buiten Oldenzaal hebben gelegen (geen historisch bewijs hiervan overigens). Volgens de verhalen dansten de heksen tijdens Walpurgisnacht op deze steen in de stad en voerden ze hun rituelen uit onder het genot van bier en mede. Meifluitjes beschermden de lokale bevolking tegen deze heksen.

Walburga, waar de dag nu naar genoemd is, was een non die in de 8e eeuw werd geboren in Engeland als de dochter van de koning van Wessex, Koning Richard. Ook een heilige overigens en zwager van Bonifatius. Walburga trok vanuit Engeland naar het vasteland van Europa om hier samen met haar oom Bonifatius en haar broers de heidenen te bekeren tot het Christendom. Na haar overlijden werden haar resten in een grot gelegd. Vanaf dat moment kwam er een olie uit de rotsen van de berg waarin de grot was die een geneeskrachtige werking zou hebben. Ze is de heilige van onder meer zeelui en zieken en vooral hondsdolle huisdieren. Waar de meeste heiligen hun naamdag vieren op hun sterfdag is dat bij de heilige Walburga ook het geval. Ze is overleden op 25 februari en dat is haar naamdag. 1 Mei is de dag waarop haar resten zijn overgebracht naar de kathedraal van Eichstätt in Zuid-Duitsland. Dit is dus ook een naamdag, ze heeft als heilige twee naamdagen.
Walburga wordt op oude gravures afgebeeld met een hond en met graanhalmen in haar hand. Volgens een oude legende was ze eens op de vlucht voor een groep ruiters. Een boer verborg haar in een schoof en de ruiters reden voorbij. De volgende ochtend was de schoof veranderd in goud. Het is in Duitsland gebruikelijk om de nachten voor 1 mei het raam iets open te laten omdat Walburga wellicht op de vlucht is. Ze kan dan schuilen en goud achterlaten. Ze wordt beschreven als een witte schim, een mooie vrouw in een lange jurk met witte lange haren. Er zijn schrijvers die overeenkomsten zien tussen Walburga en verschillende Germaanse godinnen en zij zien in Walburga een Christelijke verpersoonlijking van eigenschappen van pre-Christelijke lente of graangodinnen.

100_6441
Bluebells, deze vind je rond 1 mei overal in Groot-Brittannië

Meiboom
Vooral in Germaanse landen, maar ook op veel plekken in Groot-Brittannië, is het gebruik van het opzetten van de meiboom bekend. Een meiboom is een lange paal, boomstam, die door de alle leden van een dorp rechtop gezet werd op het marktplein (of bij belangrijke plekken/huizen) en daarna versierd werd met linten. Deze linten werden in een mooi vlechtpatroon rondom de paal gewikkeld door een dans waarbij iedereen een lint vasthield en om de boom danst. Dit gebruik is nog steeds bekend en in veel Duitstalige gebieden zul je op 1 mei dan ook zien dat een meiboom wordt opgezet met alle bijbehorende feestelijkheden, drank en eten. Vroeger was het opzetten van een meiboom ook in Nederland een wijdverbreid gebruik. Nu zie je het vooral nog in het zuiden. Een deel van de mei gebruiken zijn in de loop der eeuwen ook verplaatst naar bijvoorbeeld Pasen, Hemelvaart en Pinksteren. Denk aan de hemelvaartprocessies waarbij bij een kruis of grote boom brood werd uitgedeeld aan de armen. Maar ook het Poastak slepp’n in Denekamp vertoont veel overeenkomsten met het ophalen (of in veel gebieden roven) van een meiboom uit het bos. In het oosten van Nederland is het ook nog gebruik dat als bij de bouw van een huis het hoogste punt is bereikt er een boom op de gevel wordt gezet en feest gevierd wordt. In andere gebieden gaven jongens meitakken aan meisjes of werd een meitak gehangen aan het huis van een ongehuwd meisje op huwbare leeftijd. De oorspronkelijke betekenis van de meiboom zou samenhangen met het opwekken van vruchtbaarheid en het vieren van de komst van de zomer. Vaak wordt de top van de meiboom ook versierd met bloemenkransen of een zonnewiel. De meiboom wordt als levensboom en vruchtbaarheidsboom ook geassocieerd met Yggdrassil, de levensboom van de Noordse mythologie. Deze meiboom feestelijkheden gaan ook vaak gepaard met vuren waarin onder meer stropoppen verbrand worden die het oude jaar symboliseren, de winter of soms heksen of demonen. Ook springen mensen over horizontaal gehouden bezems en dansen en springen rond het vuur.

Het is ook in veel gebieden, zowel in Duitsland als Groot-Brittannië gebruik om een jonge, sterke man uit te kiezen, de mei-koning, die de winter verslaat in een gevecht. Hij ‘huwt’ de mei-koningin, die in sommige gevallen ook een oude vrouw verslaat die de winter symboliseert. In de Welsh mythologie is dit verhaal bekend van Gwyn ap Nudd, heerser van de onderwereld, die Creiddylad, symbool van jeugd, lente, vruchtbaarheid en ontwaken, ontvoerde van haar verloofde. Iedere eerste mei vechten beide mannen om deze vrouw. In veel plaatsen in Engeland is het nog steeds gebruikelijk om ieder jaar een May Queen te kiezen.
En mocht je op zoek zijn naar een echtgenoot, was dan op de ochtend van de eerste mei je gezicht met de dauw en het gezicht van je aanstaande zal verschijnen.

In Hastings, East Sussex, vind de begin mei altijd het ‘Jack-in-the-Green’ feest plaats. Een feest gebaseerd op de oude traditie om met May Day in een processie een ‘wicker’ van groene bladeren door het dorp te dragen of laten lopen in een parade. Het is een soort driehoekig, piramidevormig frame bedekt met groene takken en bladeren die door iemand gedragen wordt zodat alleen de voeten zichtbaar zijn. Het zou voort zijn gekomen uit het gebruik van melkmeisjes om zich op May Day uit te dossen met groene bladeren en bloemen. Verschillende folkloristen hebben pogingen gedaan Jack te koppelen aan bijvoorbeeld the Green Man. Daar is echter nooit een sluitend bewijs voor gevonden. Dit weerhoudt de organisatie van het festival er trouwens niet van om de typische Green Man afbeelding wel overal te gebruiken gedurende het festival in Hastings. Hastings is niet de enige plek waar Jack in the Green nog gevierd wordt, maar het is wel het grootste festival in de UK hieromtrent. Onder meer in Whitstable en Ilfracombe zijn ook leuke feesten tijdens Jack in the Green.
Een ander gebruik is het verkleden van schoorsteenvegers op May Day. Hieraan herinnert het ‘Chimney Sweep’ Festival in Rochester het weekend rondom 1 mei. Tijdens dit weekend lopen verkleedde schoorsteenvegers door het stadje en vind je op iedere hoek van de straat Morris Dancers. Ook bij dit feest in Rochester wordt een Jack in the Green door de straten geparadeerd.
Het bekendste Beltane feest wordt tegenwoordig gevierd in Edinburgh. Hier vind het Beltane Fire Festival plaats. In een optocht lopen de May Queen en de Green Man door de straten vergezeld door een keur aan verklede figuren. Met een mooie voorstelling steken ze grote vuren aan die symbool staan voor het begin van de warme helft van het jaar, de zomer.

De illustratie van het jaarwiel en het Beltane vuur zijn gemaakt door Deb Star Art, neem eens een kijkje op haar site!